23 februari 2006

Gevonden!

Geloof het of geloof het niet, maar ik zit hier nu, nog geen 3 dagen na mijn vertrek al in de zon aan de Nieuw Zeelandse kust. Ik heb Nieuw Zeeland gevonden! Eigenlijk viel het allemaal reuze mee. Na een keer de weg vragen in China had ik land in zicht. En wat voor een land! Het landschap is hier zo mooi dat ik heb besloten het niet te verlaten voordat ik alle schoonheden ervan heb gezien.
De reis zelf viel ook honderd procent mee. Nadat ik op Schiphol was uitgezwaaid, stapte ik in en nam plaats naast een Chinees. 10 uur later, was de tijd snel voorbij gegaan, had ik veel muziek geluisterd, niet geslapen maar wel film gekeken, en ontdekt dat anti-jetlag pillen best lekker zijn, maar bovenal was ik op dat moment aangekomen in Hong Kong.
Of in ieder geval, het vliegveld dat er een half uurtje met de trein vandaan ligt. Nadat ik wat Hong Kongse dollars had gehaald ben ik dan ook dat half uur gaan uitzitten. Uitzitten is misschien, nee is wel zeker het verkeerde woord. Het was de meest comfortabele treinreis van mijn leven. Zelfs al zou de trein niet ultramodern zijn, met een glazen wand bij de stations die op dezelfde plek als de trein opent, en een videoscherm met 8 kanalen in de hoofdsteun van de persoon voor je, dan had ik altijd nog het wonderlijke uitzicht. Aan de ene kant sloegen de golven tegen de chinese kust, aan de andere kant pronkte de groenbegroeide bergen, met hoe dichter bij Hong Kong, hoe meer wolkenkrabbers. Even later kon ik door de wolkenkrabbers de bergen niet meer zien, tijd om uit te stappen. Om er op een Chinees station achter te komen dat je kaartje niet geaccepteerd wordt is vast niet altijd een lolletje, maar de medewerkers bellen graag wat heen en weer en geven je een nieuw kaartje. Eentje die wel werkt, en die je toegang geeft aan een Chinese metropool. Want Hong Kong is precies wat je je bij die woorden voorstelt. Ten minste als dat bij jou ook doet denken aan druk verkeer, veel uithangborden, gammele dubbeldektrammetjes en hoge 50-verdiepinggebouwen die in al hun glas niet alleen de zon maar ook elkaar weerkaatsen. Verder staat er op de ene hoek van de straat een groep van 50 chinezen, die hoe warm het ook is, allemaal lange mouwen en pijpen aan hebben, op het groene licht te wachten. Op de andere hoek staan 2 vrouwtjes folders uit te delen, en achter die hoek is een klein oud straatje volgepropt met tentjes waar je voor een paar dollar een osama-masker kunt halen of kiosks waar je bladen met chineze modellen of gewoon een lampion kan halen. Na een uur of twee vond ik het wel mooi geweest, en niet veel later vloog ik alweer langs de Australische kust.
De tocht van ruim 9000 kilometer heb ik voornamelijk slapend doorgebracht, om om kwart over 11 lokale tijd te landen op het vliegveld van Auckland. De mensen kwamen meteen een stuk vriendelijker over dan sommige van hun collega's in China, maar tegelijkertijd zien ze er streng op toe dat er geen enkele ziekte of plaag van overzee hun natuur komt verstoren. Er staan zoveel borden die je waarschuwen voor boetes en gevangenisstraffen bij het onjuist invullen van je formulier, dat je zelfs het restje vliegtuigspinazie tussen je tanden nog zou aangeven. Dat betekent dus ook dat als je een klein houten spelletje bij je hebt, en je ook nog eens uit Amsterdam komt, je wordt doorverwezen naar 4th degree. Oftewel, nadat je drie kwartier in de rij hebt gestaan met andere lotgenoten (onder wie de twee filipijners voor mij die door hun twee repen chocola hun aansluitende vlucht bijna of helemaal gemist hebben), komt een van die vriendelijke Nieuw Zeelanders al je tassen overhoop halen op zoek naar sporen van drugs of al het andere dat hun niet zou bevallen. Ook het als-je-ons-mist zakje moet opengemaakt worden, terwijl ik niet meekijk wat erin zit, wil de controleur weten wat er in een bepaalde envelop zit, en als de x-ray geen resultaat geeft, moet hij dus open. Terwijl de tijd voorbij tikt, begin ik te merken dat ik al 2 dagen achter elkaar het zelfde t-shirt aan heb, maar mijn deodorant durf ik niet te pakken, omdat ze dan vast gaan denken dat ik een marijuanalucht te verbergen heb.
Ik heb al 2 uur op het vliegveld doorgebracht voordat ze me eindelijk het land in laten. Gelukkig had John nog net niet de hoop opgegeven en rijdt hij me naar het schiereiland waar het huis van hem en zijn gezin staat. Al die reistijd is het in ieder geval waard geweest, prachtig is het hier! Behalve dat je dus aan alle kanten zee hebt, hoef je je maar rond te draaien om zowel inheemse planten en dieren als bergen en vulkanen als eilanden als zwevende kitesurfers te zien. En natuurlijk ben je altijd in de buurt van een strand. Ik sluit dus af met een frisse zeeduik!

ps: foto's komen er snel aan.